“Het zijn ingewikkelde vergezichten”

Stakeholderdialoog in het teken van langetermijnvisie chemie

Hoe kan de VNCI ervoor zorgen dat haar leden de langetermijnvisie 2030/2050 oppikken en meenemen in hun strategie? Deze vraag stond centraal tijdens een van de sessies van de stakeholderdialoog van de VBDO (Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling) en de VNCI op 15 februari in Utrecht.

De organisaties organiseerden voor de derde keer de dialoog, waarbij onder meer vertegenwoordigers van chemische bedrijven, financiële instellingen, overheden en universiteiten met elkaar in gesprek gingen over een aantal actuele thema’s in de chemische industrie. De visie van de VNCI voor de chemische industrie in Nederland in 2030-2050 kwam dit jaar uitgebreid aan bod. Deze visie is gebaseerd op een begin dit jaar verschenen onderzoek van Deloitte en de VNCI naar de toekomst van de branche in Nederland en West-Europa.

De aanwezigen bij de stakeholderdialoog waren het er unaniem over eens dat de uitgangspositie van de sector bijzonder gunstig is en dat er in alle vier de toekomstscenario’s die het onderzoeksbureau schetst volop kansen liggen voor de verduurzaming van de maatschappij. Tegelijkertijd bleek de visie voor een groot deel van de aanwezigen nog ver weg te staan. “Het zijn ingewikkelde vergezichten, maar ik vraag mij af hoe chemische bedrijven hier op korte termijn handen en voeten aan kunnen geven. Hoe wordt de visie geconcretiseerd en getoetst bij bedrijven?” aldus een van de deelnemers. VNCI-directeur Colette Alma reageerde positief op het idee om de komende maanden het actiepad dat naar de visie leidt in kaart te brengen, zodat stakeholders kunnen zien hoe de sector naar de realisatie toewerkt. “Als belegger kan ik daar zeker mijn voordeel mee doen”, reageerde een vertegenwoordiger van een financiële instelling. “Door bijvoorbeeld in de jaarverslagen van bedrijven te kijken in hoeverre ze al bezig zijn om over te schakelen op groene grondstoffen.”

Uitdagend toekomstperspectief

Uit een enquête van de VBDO onder de stakeholders bleek verder dat 50 procent  het scenario van de groene transitie, waarbij grondstoffen steeds meer uit biomassa worden gehaald, het meest waarschijnlijk acht. “Olie, kolen en gas raken op termijn immers op en vormen door de CO2-uitstoot die met hun verbruik gepaard gaat voor klimaatproblemen”, stelde een van de aanwezigen. “Door de overgang naar een op groene grondstoffen gebaseerde economie kunnen we hier een halt aan toeroepen. Tegelijkertijd scheppen we zo niet alleen een uitdagend toekomstperspectief voor jonge bètastudenten, maar versterken we ook onze internationale concurrentiepositie. Het zal namelijk erg lastig zijn om te concurreren met de grote, moderne industriële complexen in bijvoorbeeld Saoedi-Arabië of China”, merkte een ander op. Het Responsible Care-programma van de chemische industrie, bedoeld om haar prestaties voor veiligheid, gezondheid en milieu te verbeteren, speelt volgens de deelnemers aan de stakeholderdialoog een grote rol bij de verwezenlijking van de visie. “Goed veiligheids- en milieumanagement is immers essentieel voor het imago en de acceptatie van de branche door de maatschappij, en zonder draagvlak komt de uitvoering van de visie in gevaar”, aldus een van de deelnemers. Verschillende aanwezigen benadrukten verder dat de sector de goede logistieke positie en de grote kennisvoorsprong moet blijven benutten om de groene transitie mogelijk te maken. “De continuering van de positieve samenwerking met de grote technologische topinstellingen en universiteiten is daarbij van groot belang”, onderstreepte een andere spreker.

Bron: Chemie magazine, maart 2012